Het Spaarpot Principe

Met het spaarpot principe biedt de woonstichting begeleiding aan starters op de woningmarkt die met een vijf jaar contract een jongerenwoning betrekken. De starter krijgt de mogelijkheid aangeboden om jaarlijks 6 procent huurverhoging opzij te zetten. In ruil voor deze spaarregeling ziet de woonstichting af van de regulier jaarlijkse huurverhoging. De huur staat in dit opzicht dus voor vijf jaar vast, maar de starter bouwt een spaarpot op die tegen het eind van de looptijd van het contract ingezet kan worden bij de aanschaf van een huis (kosten koper) of om de volgende stap op de huurmarkt te vergemakkelijken.

Het spaarpotprincipe voorziet naast de spaarsom die goed van pas komt bij een volgende stap in de iemands ‘wooncarrière’ ook in een tweede behoefte: Jonge mensen vinden het steeds lastiger om zelf geld opzij te zetten. Plotselinge wijzigingen in onkosten kunnen hierdoor al snel tot problemen leiden. De jaarlijkse huurverhoging biedt jongeren de mogelijkheid om stapsgewijs, jaarlijks een steeds groter bedrag opzij te zetten. De jonge huurders groeien daardoor in een periode van vijf jaar naar woonlasten toe die in de vrije sector vanzelfsprekender zijn. Wanneer een jongere na vijf jaar niet meer aan de sociale huurgrens voldoet, zal de overstap naar vrije sector minder als een schok voor zijn portemonnee komen. Het bedrag dat maandelijks aan de woonstichting wordt overgemaakt (huur + jaarlijks 6% verhoging) is immers al aanzienlijk gestegen.

Voor de woonstichting biedt het aanbieden van het spaarpotprincipe ook twee voordelen die kunnen dienen als verantwoording voor de kosten die worden gemaakt door jaarlijks af te zien van huurverhoging. Doordat het gespaarde bedrag in de laatste jaren steeds hoger wordt zullen huurders minder snel geneigd zijn van woning te wisselen. Huurachterstanden kunnen theoretisch ook worden ingevorderd op het gespaarde bedrag. Een tweede voordeel is dat het gespaarde bedrag van 5500 euro ook het aantal ‘schrijnende’ gevallen dat zich voordoet na afloop van het vijfjarig contract wordt verkleind. Het risico dat mensen direct in de problemen komen na het aflopen van het sociale huurcontract, en de imagoschade die voortkomt uit deze verhalen is aanzienlijk kleiner wanneer mensen nog een spaarbedrag achter de hand hebben.

Doelgroep

Starters op de Amsterdamse woningmarkt die verwachten dat hun inkomen zal groeien, waardoor zij na afloop van het eerste vijfjarig contract geen aanspraak meer maken op sociale huur.

Welk probleem pakt het aan?

* Door de hoge huren op de Amsterdamse woningmarkt komen veel starters niet meer aan sparen toe. De hoop is dat de vijf jaarcontracten het voor meer jonge Amsterdammers mogelijk gaat maken om tijdelijk in een sociale huurwoning te wonen. Het spaarpotprincipe begeleidt deze starters naar een eigen woning of bereid hen voor op de duurdere vrije sector.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s